In ons ledenblad Raak Magazine laten we regelmatig een expert aan het woord. In editie januari-februari vertelt professor Reitske Meganck over opgroeien en opvoeden in een digitale wereld. Wat betekenen schermen voor de gezondheid en persoonlijke ontwikkeling van kinderen?
De doorsnee Vlaming heeft ongeveer 90 apps op zijn smartphone, blijkt uit de imec-barometer 2024. Goed voor gemiddeld drie uur schermtijd per dag. Dat kan al tellen, maar hoe zit dat met jongeren? “Volgens de meest recente imec.digimeter zitten laat-adolescenten (15- tot 22-jarigen) dagelijks 240 minuten voor een scherm”, vertelt Reitske Meganck, professor klinische psychologie aan de UGent. “Voor jongeren hebben we minder absolute cijfers. Dat verschilt per huishouden en de mate waarin ouders al dan niet limieten stellen op hun schermgebruik. Maar bij minderjarigen is vijf à zes uur per dag al lang geen uitzondering meer. Dat hoge aantal is grotendeels te wijten aan de alomtegenwoordigheid van smartphones.”
Spelen zonder scherm
Volgens Reitske eisen smartphones al vanaf de vroegere kindertijd een bepalende rol op. “Jonge kinderen zijn volledig gericht op hun omgeving en leren uit interactie met anderen. Maar tijdens het scrollen vlakt onze gelaatsuitdrukking af. We zijn dus minder betrokken en responsief. Dat komt de emotionele groei van baby’s en peuters niet ten goede. Daarnaast hebben ouders een voorbeeldfunctie. Als we constant met onze gsm bezig zijn, willen kinderen natuurlijk zelf ontdekken wat er zo speciaal aan is.” Reden te meer om onze eigen schermtijd in de gaten te houden. Maar wanneer wordt schermgebruik problematisch? Reitske: “Als kinderen niet meer kunnen spelen. In de kleutertijd is die ruimte om vrij te spelen, zonder een specifiek doel, essentieel. Op die manier maken ze vrienden, leren ze bij en, minstens zo belangrijk, botsen ze op hun grenzen. Plezier maken en frustraties horen bij zelfontwikkeling. Die momenten mag je niet afvlakken door hen te vaak voor een scherm te zetten. Je hoeft daarom niet alle schermen te bannen, maar waak er wel over dat ze ook offline het leven ontdekken.”
Belevingswereld begrijpen
Wat spelen is voor kleuters, betekent zelfontdekking voor adolescenten. In de puberteit gaan ze op zoek naar hun eigen stem en identiteit. Online vinden ze genoeg inspiratie, maar daar zitten ook onrealistische (schoonheids)idealen tussen. “Niemand is perfect, maar op sociale media wordt die illusie wel versterkt”, zegt Reitske. “Dat gaat niet alleen over hoe we eruitzien, maar ook hoe we met elkaar omgaan. Online moet je precies alles foutloos presenteren. Daardoor reageren we pas later of zeggen we enkel dingen om anderen te behagen. Het gevolg? We vermijden moeilijke gesprekken in de echte wereld. Zonde, want ploeteren en discussiëren is nu eenmaal eigen aan menselijke interactie. En zo komen kansen om in relatie te treden met leeftijdsgenoten, vrienden en ouders onder druk te staan.” Een voorbeeld van zo’n moeilijk gesprek: kinderen aanspreken op hun gsm-gebruik. Tegenwoordig staat dat gelijk aan je bemoeien met hun privéleven. “Dat is een heel delicaat spanningsveld, want jongeren hebben nood aan een innerlijke belevingswereld en smartphones maken daar deel van uit. Als ouder moet je hen de ruimte geven om de wereld te ontdekken, ook digitaal. Dat is soms moeilijk, want niemand wil dat zijn kind in aanraking komt met beelden van extreem geweld of misbruik. Ouderlijk toezicht is dus geen overbodige luxe. Maar praat daarover met je kind en toon interesse in hun belevingswereld. Dat is iets heel anders dan hun leven willen controleren.”
Betekenisvolle relaties
Onze schermtijd plots drastisch afbouwen wordt moeilijk volgens Reitske. Daarom wil ze liever nadenken over hoe we technologie een constructieve plaats geven in ons leven. “Problematisch schermgebruik zal niet verdwijnen, net zoals andere verslavingen of psychische problemen ook blijven bestaan. Strikte controle of een verbod zal dat niet verhelpen. Een limiet installeren is nodig, maar vraagt ook om een draagvlak. Leg dus uit waarom je hun schermtijd wil beperken. In dat opzicht is het ook zinvol om te werken aan mediawijsheid. Wat maakt een algoritme zo verslavend? Welke gevaren zijn er rond privacy? Jongeren zullen dan ook beseffen wat de risico’s zijn.” Ten slotte wijst Reitske op het belang van betekenisvolle relaties, zowel met leeftijdsgenoten als binnen een gemeenschap. “Jongeren moeten menselijke interactie blijven nastreven. Fysieke ontmoetingen voegen een extra dimensie toe aan onze relaties. Dat contact biedt weerwerk tegen negatieve online content. Net zoals een goede band tussen generaties bijdraagt aan wederzijds begrip. Het is nog steeds beter om met kinderen te praten dan over hen.”




