Home > Nieuws > Column: Van hooggebed naar hooggebergte

Column: Van hooggebed naar hooggebergte

In Raak Magazine vertelt telkens een Raak-medewerker of -vrijwilliger een uit het leven gegrepen verhaal. In editie mei-juni vertelt Luc Vos, hoofd boekhouding, over samen met zijn kinderen bergen bedwingen.

Als ik terugkijk in mijn herinneringen, naar de zomers van mijn jeugd, dan is er die immense stilte van het thuisblijven. We gingen nooit op vakantie. Het concept ‘reizen’ bestond simpelweg niet in ons arbeidersgezin. Behalve die ene, legendarische uitzondering: Lourdes.

Niet omdat we het gepland hadden, maar omdat mijn moeder die reis had gewonnen met de KVLV, in de volksmond “de boerinnenbond”. Ik zie ons nog gaan met de ouderwetse Lourdestrein. Onderweg klonken door de luidsprekers de steeds terugkerende rozenhoedjes, op weg naar het verre zonnige bedevaartsoord met de heilige grot, waarvan er een replica stond in het park van Schoorheide, op enkele tientallen meters van waar we woonden.

Nu, decennia later, is er veel veranderd. Mijn ouders leven al lang niet meer en mijn reizen van meer dan een weekend gaan nog wel richting zuiden, maar niet meer naar een heilige grot, maar naar de mythische Europese bergen om ze te temmen met de pedalen, samen met mijn zoon en dochter, twee dertigers.

Het begint steevast in het voorjaar. Wanneer de winter het hier vertikt om te vertrekken, vlieg ik met Joris naar Mallorca. Het is intussen een traditie geworden. De lentezon is er al aanwezig en de eerste beklimmingen worden voor onze wielen geschoven richting Tramuntana-gebergte op onze gehuurde koersfietsen. We genieten onderweg van de landschappen, de koffiestops en ’s avonds van het welverdiende rijkelijk buffet in het hotel. Een weekje alleen maar slapen, eten en fietsen: zalige vader-zoonmomenten.

En dan zijn er de zomers, wanneer ook Evelyne aansluit op weg naar het echte hooggebergte zoals de Gavia of de Stelvio met zijn prachtige haarspeldbochten aan de voet van het uit een oude Italiaanse film gekropen dorpje Bormio. Of Alpe d’Huez, met in elke bocht de naam van een legendarische winnaar uit de Ronde van Frankrijk. En ook de Mont-Ventoux: deze kale reus, ook wel de Vlaamse berg genoemd, gidst ons naar het monument van Tommy Simpson. Ik herinner mij nog vaag dat ik als vijfjarig kind bij mijn grootvader de foto’s in de krant zag van het drama dat er zich had afgespeeld. De plek, net voor de top waar hij het leven liet, is eigenlijk ook een beetje een bedevaartsoord, met de talrijke bidons die er geplaatst worden als eerbetoon. Zo is de cirkel rond en ben ik toch weer een stukje op ‘bedevaart’ geweest.

Mijn kinderen, dertigers in de bloei van hun leven, die er anno 2026 nog steeds bewust voor kiezen om met hun vader die loodzware cols op te rijden, da’s een zegen. Zolang de benen willen, blijven we jagen op de volgende top. Samen!

Fotocredit: Matthias Süßen via commons.wikimedia.or

Meer nieuws